Wat we weten, is dat bij iedere textielstof zowel in het productieproces als tijdens het gebruik microvezels vrijkomen. Bij synthetische stoffen zijn deze vezels van plastic. Microplastics dus. Deze minuscule deeltjes plastic zijn zó klein dat ze bijna overal terechtkomen. In de oceaan, in de aarde, en hierdoor ook in onze voeding en uiteindelijk zelfs in ons lichaam. Het wordt langzaamaan duidelijk wat de potentiële schadelijke gevolgen zijn op lange termijn, maar plastic hoort natuurlijk niet in de natuur of in ons lichaam.
De textielindustrie is trouwens niet de enige boosdoener. Ook uit onder andere autobanden, cosmetica en plastic afval komen microplastics vrij. Maar de industrie gaat er wel mee aan de slag. Zo blijkt dat de textielkwaliteit (onder andere de vezellengte en dichtheid) belangrijk is: hoe beter de kwaliteit, hoe minder microvezels vrijkomen. Daarnaast speelt bijvoorbeeld ook de manier van kleuren tijdens de productie een rol. Doordat pas recent de nodige testmethoden vastgesteld werden, ligt er nog veel test- en remediëringswerk op de plank om microplastics uit de productieketen te bannen.
Patagonia blijft alvast niet bij de pakken zitten. Het merk meet het vrijkomen van microvezels en gebruikt dit als kwaliteitstest van een stof. Al meer dan 40 jaar weten zij dat fast fashion niet alleen nadelig is voor je portemonnee, maar ook voor het milieu. Ze maken er een erezaak van om kwaliteitsproducten te ontwikkelen die zo lang mogelijk meegaan. En dat brengt ons meteen ook bij het volgende: wat kan je als consument doen?